Voor de Franse tijd was er geen notaris, maar werden akten opgemaakt door de schout.

Achtereenvolgens waren in Vollenhove notaris (achter de naam geboortejaar - overlijdensjaar, dan periode als notaris):

Mr. Johannes Calkoen (1760-1826), 1811-1812. Hij was ook stadssecretaris, griffier en burgemeester, woonde op de hoek van de Kerkstraat en de Van Baaksteeg, waar later een kerk werd gebouwd (De Hoeksteen - gereformeerde kerk (vrijgemaakt)).

Mr. Jan Harmen Sigismond Maurits Van Nagel (1780-1832), 1812-1814. Hij was in 1804 getrouwd met dochter van Jan Arend de Vos van Steenwijk (1746-1813) - van havezate de Oldenhof (1635) - woonde daar, en later op havezate Rollecate als burgemeester van 1814-1816.

Mr. Gijsbert Gottfried Carel Scheidius (1786-1823), 1814-1823. Was ook burgemeester van Ambt-Vollenhove en verantwoordelijk voor de goede staat van de wegen bij de Doortocht van kroonprins Willem Frederik (1820) in 1820.

Jan Philip Sloet van Tweenijenhuizen (1794-1874), 1823-1859. Woonde op de havezate Tweenijenhuizen tot zijn vrouw daar in 1859 overleed, ging naar Zwolle en bepaalde dat na zijn dood de havezate moest worden afgebroken. Was ook burgemeester van Ambt-Vollenhove en in 1822 plaatsvervangend vrederechter.

Pieter Jennes (1819-1877), 1860-1877. Kwam uit Blokzijl, was daar eerst drie jaar notaris. Huurde een voornaam pand, Kerkstraat 12. Hij kwam uit Enschede, zijn vrouw uit Goor.

Marinus Adrianus Vroom (1846-?), 1877-1888. Kwam uit Zwolle na het overlijden van zijn voorganger en zette op Kerkstraat 12 de praktijk voort tot hij eind 1888 naar Wildervank vertrok.

Markus Johannes van Krieken (1856-?), 1889-1906. Kwam begin 1889 van Culemborg en kocht de havezate Lindenhorst van twee beleggers. Hij vertrok eind 1906 naar Kampen.

Gerhard Hendrik Cramer (1853-?), 1906-1921. Kwam eind 1906 uit Blokzijl, was daar notaris in Blokzijl, trouwde daar met een vrouw uit Ambt-Vollenhove. Zette de praktijk in Lindenhorst voort. Huurde vlakbij, in de Kerksteeg, een stuk tuin van de voormalige havezate Cannevelt, mogelijk voor een tennisbaan – zijn eigen tuin was al groot! Vertrok in april 1922 naar Den Haag en verkocht havezate Lindenhorst aan de gemeente, ten behoeve van een ambtswoning voor gemeentegeneesheer Halbertsma.

Gabriel Pieter Koch (1876-?), 1922-1941. Kwam begin 1922 vanuit Dalfsen, woonde in het logement van Willem ten Napel (nu Bisschopstraat 25, toen naast Lindenhorst) en liet op het terrein van havezate Plattenburg aan de Groenestraat in 1925 een vrijstaande woning en een apart kantoor bouwen (nu nummers 27 resp. 29). De grond was eigendom van baron Anton Henri  Sloet ‘van Marxveld’ (1869-1957), die heel veel panden en kavels in het centrum bezat. Daarnaast was hij wethouder en had in feite de macht over het wonen van de notabelen in Vollenhove. In de periode 1913-1917 was dat de kern van een ‘soap’ rond dokter Halbertsma.

Jan Jacob Jelte van Kluyve (1904-1969), 1941-1969. Kocht in 1941 het zgn. Jacobsonshuis (Kerkstraat 14)  van baron A.H. van Marxveld. Neemt in de Tweede Wereldoorlog actief deel aan het verzet, wordt eind 1944 gearresteerd en zijn huis wordt in beslag genomen door de SS. In 1952 wordt hij onderscheiden.

Notarissen werden bijgestaan door kandidaat-notarissen. De bekendste in Vollenhove was baron Gerard Sloet van Marxveld, ondernemer (stroopfabriek) en initiator (tramverbinding Blokzijl-Zwolle). Verder C.L.E. Boesses (geb. 1846), Gerrit ten Bruggenkate (geb. 1864), Pieter van Eijk (geb. 1864) en D.L. Uijt den Bogaard (geb. 1887).